Zoek een instituut

Vergroot huiswerkbegeleiding de kloof tussen arm en rijk? Persbericht | 2 november 2015

Een reactie op  berichtgeving in diverse media

Vorige maand was er in diverse media aandacht voor uitspraken van minister Bussemaker. Zij vreest toenemende sociale ongelijkheid door tal van oorzaken binnen het basis- en voortgezet onderwijs, alsmede in het mbo, hbo en universitair onderwijs. Als één van deze oorzaken wordt huiswerkbegeleiding genoemd. Huiswerkbegeleiding zou de kloof tussen arm en rijk vergroten, omdat dit vaak tegen betaling plaatsvindt en daarmee niet voor iedereen weggelegd is. De minister ziet een groeiende markt van huiswerkinstituten en privéscholen, en daarmee groeiende sociale ongelijkheid.

De Landelijke Vereniging voor Studiebegeleidingsinstituten (LVSi), al 31 jaar actief als branchevereniging voor huiswerkbegeleidingsinstituten, onderkent dat huiswerkbegeleiding niet voor elk gezin financieel toegankelijk is, net zoals kinderopvang, sport en muzieklessen dat helaas ook niet zijn. De ondernemers in deze branche, veelal van huis uit betrokken docenten, pedagogen of psychologen, onderkennen dat ook. Vaak zoeken zij naar individuele oplossingen of uitgebreidere constructies, bijvoorbeeld in samenwerking met scholen. Het is echter absoluut onjuist dat huiswerkbegeleiding alleen weggelegd zou zijn voor de happy few: huiswerkinstituten zien een zeer gevarieerd publiek, uit alle lagen van de maatschappij. Met de vraag naar huiswerkbegeleiding is het aanbod in de afgelopen decennia gestegen. Binnen de branche is de concurrentie toegenomen en er is inmiddels sprake van gezonde marktwerking. Het vaak nog heersende beeld dat huiswerkbegeleiding alleen is weggelegd voor kinderen met rijke ouders, is dan ook niet correct. Er zijn excessen, maar veel aanbieders richten zich juist op de middenklasse en minder vermogenden. Een uur bijles kost gemiddeld zo’n dertig euro, net als een gemiddelde knipbeurt of muziekles. Voor de kosten van één dag kinderopvang in de maand kan bij veel huiswerkinstituten op vier tot vijf keer zoveel dagen begeleiding worden gevolgd.

Huiswerkbegeleiding is geen vervanging van het klassikale basis- en/of voortgezet onderwijs is, maar een aanvulling daarop. Dit in tegenstelling tot particulier onderwijs. Maatschappelijke voordelen van huiswerkbegeleiding zijn er legio, maar worden in discussies helaas nauwelijks genoemd. Zo wordt met huiswerkbegeleiding doubleren en afstroom gereduceerd, en de daaraan verbonden individuele én maatschappelijke kosten. Huiswerkbegeleiding biedt een veel betaalbaarder alternatief voor particulier onderwijs, en wordt vaak ingezet bij de voorbereiding op staatsexamens.

Huiswerkbegeleiding biedt veel vrouwen de mogelijkheid om te (blijven) werken, en ouders meer ‘quality-time’ met hun kinderen. Het fenomeen huiswerkbegeleiding is de afgelopen decennia inderdaad gegroeid in Nederland. Diverse oorzaken liggen hieraan ten grondslag. In de eerste plaats oorzaken binnen het onderwijs zelf, zoals de invoering van het studiehuis en de tweede fase eind jaren negentig, de vergrijzing en afnemende instroom bij docentenopleidingen en bezuinigingen die hebben geleid tot grotere klassen en minder aandacht voor de individuele leerling. Steeds meer universiteiten selecteren aan de poort, waardoor veel scholieren zich willen laten bijspijkeren voor de vereiste hoge cijfers.

Ten tweede zijn diverse maatschappelijke ontwikkelingen oorzaken voor de gestegen vraag naar huiswerkbegeleiding. Het aantal tweeverdieners groeit, waardoor ouders minder mogelijkheden hebben om hun kind te ondersteunen bij het huiswerk. Zij zien externe hulp als uitkomst. Voor scholieren zelf is er vandaag de dag veel meer afleiding dan vroeger: tientallen televisiekanalen, (spel)computers, sociale media en de smartphone bieden een onuitputtelijke bron van vermaak en afleiding binnen handbereik. Door een krappe arbeidsmarkt is een goed diploma voor velen nog belangrijker geworden.

Overigens is de vraag naar extra begeleiding na schooltijd in Nederland relatief beperkt. Volgens schattingen van de LVSi maakt slechts zo’n 5% van de scholieren in het voortgezet onderwijs gebruik van huiswerkbegeleiding. Wel zijn er regionale verschillen.

Uit recent onderzoek dat in opdracht van de LVSi is uitgevoerd, blijkt dat ouders in het algemeen zeer positief zijn over huiswerkbegeleiding. Daarnaast geeft zes van de tien ondervraagden aan eerst zelf geprobeerd te hebben om voldoende ondersteuning te bieden, slechts 11% is van mening dat de school te weinig doet.

Meer persberichten